Kilitbahir Turkije.
Monument 'Korporaal Seyit'.
Kilitbahir Turkije.

Een van de vele Turkse heldenverhalen is de vertelling van korporaal Seyit. Op 18 maart 1915 waren alle 61 kameraden van de artillerist Seyit buiten gevecht gesteld. In zijn eentje haalde hij de laatste artilleriegranaat van 295 kilo uit het magazijnen en droeg die naar het kanon dat hij vervolgens eigenhandig afvuurde. Deze op zichzelf al heel onaannemelijke daad werd nog overstegen door het feit dat hij er het slagschip de Ocean mee trof. Het schip werd hierdoor onbestuurbaar, liep daardoor op een zeemijn en zonk.

 

De oerbron van dit hersenspinsel was een foto die vlak na 18 maart door Turkse journalisten werd genomen. Zij fotografeerden een artillerist, die met een kartonnen dummy zijn zware werk demonstreerde. In verloop van tijd werd het gewicht van de granaat tot een onvoorstelbare hoogte opgeschroefd. In de officiële Turkse geschiedschrijving werd een gewicht van 276 kilo genoemd, maar ook dat kan niet. Munitie van dat gewicht werd gebruikt in zware kanonnen met een kaliber van 355 mm, in het fort van Seyit, Rumeli Mecidiye, was wel zulk zwaar geschut aanwezig, maar dat werd op achttien maart niet gebruikt. Er werd wel geschoten met de 280 mm kanonnen. De granaten daarvan wogen ongeveer 150 kilo, wat overigens nog steeds een flink gewicht was om in je eentje te torsen.

 

Zijn standbeeld staat sinds 1992 aan de oever van de Dardanellen, een paar honderd meter na Kilitbahir waar de doorgang het nauwst is. Het opschrift van het beeld maakt duidelijk dat het hier om een held gaat. Afbeeldingen van korporaal Seyit met zijn zware obus horen nu tot de meest populaire souvenirs die overal in stalletjes op Gallipoli worden verkocht. Ook in de tuin van het legermuseum in Istanbul is sinds kort een nieuw beeld van de held te bezichtigen.

 

Seyit Ali Çabuk (1889-1939), bekender onder de naam korporaal Seyit (Turks: Seyit Onbaşı)  was afkomstig uit Havran in april 1909 nam hij dienst in het Ottomaanse leger. Nadat hij gediend had in de Balkanoorlogen van 1912-1913 werd hij overgeplaatst naar de forten die de toegang tot de Dardanellen verdedigden. Het was daar dat de bekende legende in scene werd gezet. Seyit werd bevorderd tot korporaal en werd door de staatspropaganda uitgespeeld als het symbool van de Turkse weerstand. Seyit zwaaide af in 1918, hij werkte werd eerst als boswerker en vervolgens ging hij aan de slag als mijnwerker. Toen in Turkije, in 1934, de wetgeving betreffende het verplicht aannemen van een achternaam van kracht werd nam hij de naam Çabuk aan. Seyit overleed in 1934 aan een longziekte.

 

 

Meer artikels
Nabij Canakkale Memorial voor de Turkse Martelelaren. 13-04-2015
Morto Bay ( Seddülbahir) Turkije.

De Turken waren door de gebrekkige geheimhouding volledig op de hoogte van de geallieerde plannen.

lees meer ...
Sanctuary Wood 'Shrapnels'. 03-10-2016
Zillebeke (Ieper) België.

De Dienst DOVO (- Dienst Opruiming en Vernietiging Ontploffingstuigen) van het Belgisch leger gevestigd in Houthulst houdt zich bezig met het opruimen van munitie uit de Eerste Wereldoorlog.

lees meer ...
The Royal Welsh Fusiliers Memorial. 29-12-2014
Zandvoorde ( Zonnebeke) België.

Gedurende de Eerste slag bij Ieper kregen de dorpsnamen Zandvoorde en Geluveld (nu deelgemeenten van Zonnebeke) voor de Britten een haast mythische betekenis.

lees meer ...