Ledegem België.
Grafsteen 'Joh. Adam Mast'.
Ledegem België.

Tijdens de stellingoorlog kwam Ledegem in het Duitse Operationsgebiet terecht. Het station werd opgeëist, de beschikbaarheid van het Ledegemse station langs de spoorlijn Roeselare-Menen en de aanleg van bijkomende sporen, waaronder ook smalsporen, zorgde ervoor dat Ledegem uitgroeide tot een belangrijk logistiek centrum. Via het spoor werden er troepen, munitie, materiaal en allerlei voorraden van en naar het front aan- en afgevoerd.

 

Zoals in alle dorpen in het operatiegebied regelde de 'Ortskommandant' in Ledegem het dagelijks leven en legde hij de dorpelingen allerlei opeisingen en verplichtingen op. Veel inwoners werden gedwongen om de gemeente te verlaten. Buiten het station werden ook de kerk, de scholen en heel wat huizen opgeëist. Deze gebouwen dienden voor de inkwartiering van Duitse militairen of werden ingericht als medische posten. In oktober 1914 nam het Wurtembergse Reserve-Feldlazarett 94 de Kerk en de gebouwen van het rusthuis en de jongensschool in gebruik. Begin november kwam ook het 'Feldlazarett 8' (X. Armeekorps) in Ledegem toe en richtte er een 'Leichtverwundetensammelstelle' (verzamelplaats voor lichtgewonden) in. Ook de oudste woning van de gemeente het Peereboomhuis (gelegen in de Menenstraat en daterende uit 1726) werd gebruikt als lazaret voor gewonde Duitse militairen.

 

Aanvankelijk werden de doden op het kerkhof van de Sint-Petruskerk begraven, maar dat kwam al vlug te klein. Begin ’15 begon men met de aanleg van een nieuwe militaire begraafplaats ( later Ehrenfriedhof Nr 45, die lag op een terrein iets ten zuiden van de kerk). Op deze dodenakker werd ook een herdenkingsmonument gebouwd, bovenaan het bouwsel prijkte een bronzen Duitse adelaar. Tijdens de zomer en herfst van 1917 werd het Ehrenfriedhof het slachtoffer van artilleriebeschietingen, deze vernielden het monument. Tegen het eind van de oorlog lagen hier meer dan 1.000 Duitse en een klein aantal geallieerde doden begraven. In de jaren ’50 werden 1552 geïdentificeerde Duitse doden naar de verzamelbegraafplaats van Menen overgebracht en herbegraven in Perk D, de 260 onbekende kregen een laatste rustplaats in het Kameradengrab in Langemark. In 1917 kwam er op het Ledegemse gehucht Sint-Pieter bij een toen daar gelegen Hauptverbandplatz nog een Duitse begraafplaats (later Ehrenfriedhof Nr 44) bij.

 

De heemkundige kring ontdekte enkele jaren geleden in een loods de restanten van oude Duitse zerken. Die enkele authentieke grafstenen werden verwerkt tot een gedenksteen en vormen nu een uitzonderlijk Duits vredesmonument dat in 2014 een plaatsje kreeg bij de plek van de verdwenen Duitse begraafplaats. Eén van die authentieke grafstenen die gebruikt werd was die van Adam Mast van het Württembergse Infanterie-Regiment 126. IR 126 was op 19 juli 1915 betrokken in de gevechten op het Hooge, waar de Britten een grote mijn tot ontploffing brachten. Deze gevechten waren bijzonder hevig en er volgden aanvallen en tegenaanvallen, dat duurde eigenlijk tot en met 25 september 1915. Vermoedelijk was Adam Mast op 19 juli gewond geraakt en afgevoerd naar Ledegem, waar hij dan in het veldhospitaal op 21 juli overleed.

 

 

 

 

Meer artikels
Carrières de Montigny 'Soldatenkunst'. 05-12-2016
Machemont Frankrijk.

De carrières (steengroeven) hier in de omgeving werden vooral actief uitgebaat vanaf de 18de en 19de eeuw.

lees meer ...
Havrincourt War Memorial 'Gloire Aux Enfants'. 20-11-2017
Havrincourt Frankrijk.

De Derde Slag, of liever het debacle, bij Ieper was zeker een zure appel voor de Britse legerleiding, maar het was ook slecht voor het moreel van het Britse leger en voor het Britse thuisfront.

lees meer ...
Tussen de 2 'Petit Bois Craters'. 06-06-2016
Wijtschate (Heuvelland) België.

Toen de zomer op til was, hoorden we duidelijk de geluiden van de vijand die aan het werk was.

lees meer ...