Zillebeke ( Ieper) België.
Gedenkkruis Bellewaerde 'Kings Royal Rifle Corps'.
Zillebeke ( Ieper) België.

Het herdenkingskruis voor het King's Royal Rifle Corps (K.R.R.C.), gelijkaardig met een gedenkteken te Pozières (Fr.) en in Winchester (GB), werd hier geplaatst omwille van de deelname van deze eenheid aan de gevechten op 30/31 juli 1915 op Hooge en ook voor hun deelname aan de latere gevechten bij Sanctuary Wood (2 juni 1916). Tijdens de oorlog groeide dit regiment aan tot 22 bataljons.

 

In 1915 werd er hard gevochten om Hooge, het gehucht langs de Meenseweg wisselde meermaals van bezetter. Op 2 juni veroverden de Duitsers de ruïnes van het kasteel. De Britten en de Duitsers lagen ter hoogte van Hooge op nauwelijks 50m van elkaar verwijderd. Op 19 juli 1915 was er een Britse tegenaanval, die werd voorafgegaan door de ontploffing van een mijnlading van 2200kg, tot dan toe was dat de grootste mijnlading van de oorlog. Bij de explosie werden een tiental mannen van het 4e bataljon van het Britse Middlesex Regiment levend onder het puin begraven. Tijdens de daaropvolgende aanval geraakten de Britten niet veel verder dan de krater zelf.

 

Tijdens een Duitse tegenaanval eind juli 1915 gebruikten de Duitsers een nieuw wapen; de vlammenwerper. Toen was de 8th Rifle Brigade bij de Hooge-krater gelegerd, met aan de linkerflank de 9th K.R.R.C en aan de rechterflank de 7th. K.R.R.C. De Britten werden teruggeslagen.

 

Een van de mannen die tijdens die aanval sneuvelde  was Lance Corporal Gordon Whittaker van het 8th (8e bataljon) King's Royal Rifle Corps (zijn naam staat vermeld op de Menenpoort). Hij werd geboren in 1886 te Crawshawbooth en was een van de acht kinderen van Thomas and Harriet Whittaker. Samen met zijn vriend en dorpsgenoot Joe White, kwam hij terecht bij de D Coy (compagnie) van het 8th K.R.R.C., hun stamnummers waren R8408 en R8407. Zij arriveerden op 19 mei 1915 in Frankrijk.

 

Op 25 juli schreef Gordon naar zijn ouders: “ Wij kwamen juist uit een oneffen loopgraaf en werden nat door de hevige regen.” In de zelfde brief beschreef hij ook een Duitse aanval: “Eerst kwamen hun zware mortieren en dan begonnen zij ons te bombarderen, dat had als resultaat dat ik gewond werd.” Hij beweerde dat tijdens de beschieting een aantal mannen begraven werden, en dat hij geholpen had om ze uit te graven: “gelukkig waren ze alleen geschrokken maar hun loopgraaf werd wel wegeblazen en genivelleerd met de vlakte.” Nadien liet hij zijn verwonding verzorgen door een dokter. In zijn brief schreef hij ook dat hij er naar uitkeek om thuis te zijn op verlof, dat als de geruchten tenminste juist waren.

 

Maar Gorden zou nooit meer kunnen genieten van dat verhoopte verlof! Hij viel op 30 juli’15. Hij sneuvelde tijdens de Duitse vlammenwerperaanval. Kort nadien schreef zijn sergeant E. Hindle een brief naar Gordons ouders en vertelde hen daarin dat Gordon omkwam naast hem toen een Duits projectiel hem raakte. Hij schreef ook dat Gordon op slag dood was en dat iedereen er het hart van in was toen ze zijn dood vernamen. De sergeant berichte verder: “Gordon was een Brit tot op de ruggengraat, hij bewees ook dat hij een held was want hoewel hij gewond was keerde hij terug naar de loopgraaf.” Hindle beschreef ook hoe hij en Gordon uit hun slaap gewekt werden door een zware beschieting en dat er een grote slag was waar de Huns (Duitsers) brandend zuur hadden gebruikt (verwijst naar de vlammenwerpers) tegen de Britse troepen.  Zij hadden hun positie ingenomen in de achterhoede van de vuurlinie en wachtten daar om als steun naar de mannen in de voorste linie gestuurd te worden. De obussen vlogen er in het rond en één van hen raakte Gordon en begroef beide mannen. Toen hij was vrij gemaakt was Hindle gechoqueerd toen hij zijn dode vriend zag. Hindle schreef ook dat het gevecht onwaarschijnlijk heftig was en dat ze niet genoeg mannen hadden om hun loopgraven te behouden, ze moesten zich terug trekken.

 

De sergeant verzekerde de ouders dat hun zoon een goed soldaat was en dat hij stierf tijdens het vervullen van zijn plicht zoals alleen een Britse soldaat dat kon. Deze laatste enigszins zalvend bedoelde woorden verminderden zeker niet de pijn van moeder Harriet. Dat gruwelijke nieuws was een verwoestende shock die haar ziek maakte en aftakelde, haar moederhart was gebroken! Ze stierf 10 maanden na haar zoon, op 4 mei 1916, ze was 64 jaar oud. Vader Thomas stierf op 3 juni 1917.

 

 

No mother’s last embrace and fondling kiss,
Would touch the cheek of him they miss.

 

Meer artikels
Sacrario Militaire di Oslavia. 01-08-2016
Oslavia Italië.

Het knekelhuis van Oslavia, gebouwd in 1938 door de toenmalige fascistische regering, herbergt de stoffelijke resten van 57.201 Italianen en 539 Oostenrijks - Hongaarse militairen die vielen in de Eerste wereldoorlog.

lees meer ...
8th Argyll and Sutherland Highlanders Memorial. 14-11-2016
Beaumont-Hamel Frankrijk.

De laatste actie van de reeks gevechten aan de Somme in 1916 werd uitgevoerd tussen 13 en 18 november.

lees meer ...
Aurisina Österreichisch-ungarischer Soldatenfriedhof. 08-08-2016
Aurisina Italië.

Op deze begraafplaats begroef men de Oostenrijks-Hongaarse militairen die, tussen 1915 en 1917, in het gebied dat zich uitstrekte van Monfalcone tot Monte Ermada het leven lieten.

lees meer ...