Boezinge (Ieper) België.
Colne Valley Cemetery.
Boezinge (Ieper) België.

Na de Tweede Slag bij Ieper werden de geallieerde en Duitse strijdkrachten ter hoogte van het dorp Boezinge gescheiden door het kanaal Ieper-IJzer. Meer zuidwaarts helde het front af naar het oosten. In de omgeving van het Klein en Groot Zwaanhof liep een loopgraaf 'Colne Valley'. Hier werd in juli 1915 een begraafplaats aangelegd door de territoriale bataljons van de '49th (West Riding) Division', die dit gebied bezetten in juli en augustus 1915. Colne Valley Cemetery zou nog tot in februari 1916  gebruikt worden, Rifleman Sullivan C.  van het 7e  bataljon van het King's Royal Rifle Corps, die  overleed op 09 februari 1916, was de laatste die hier werd begraven.

 

 

Tegen juli 1917 lag de begraafplaats in het niemandsland en dat tot het heroverd zou worden gedurende de Slag om Pilckem Ridge (Derde Slag bij Ieper). Van de 47 Britten die hier begraven liggen, behoren er 30 tot het 'West Riding Regiment'. Vier van hen konden niet meer geïdentificeerd worden. Op de grafzerk van de ook hier begraven kapitein Maynard Percy Andrews staat er eigenaardig genoeg een Franstalig onderschrift dat luidt als volgt: Personne ne peut avoir un plus grand amour que de donner sa vie pour ses amis.

 

Colne Valley Cemetery is een relatief kleine slagveld begraafplaats. De 'Cross of Sacrifice', nabij de toegang, is van het kleinste type. De dodenakker wordt nagenoeg volledig omgeven door een scherm van groen, maar ligt te midden het industrieterrein langs het Ieperleekanaal. De omgeving ten oosten van de begraafplaats is licht heuvelachtig. Sinds de jaren '90 werd de omgeving van de begraafplaats volgebouwd met bedrijven, met als gevolg dat de begraafplaats, die op het laagste punt van de omgeving ligt, bijna jaarlijks overstroomde. Dit leidde niet enkel tot schade aan de structuren en de beplanting, maar had ook tot gevolg dat de begraafplaats telkens tijdelijk ontoegankelijk werd voor bezoekers.

 

"Mensen moeten hun geliefden er opnieuw op gepaste wijze kunnen herdenken," sprak: Richard Nicol van de Commonwealth War Graves Commission. “In de voorbije jaren werden verschillende kleine maatregelen getroffen om het waterprobleem op en rond te site aan te pakken, maar zonder succes. De rioleringen in de buurt werden door de stad Ieper al meermaals vrijgemaakt en er werd zelfs een nieuw stelsel aangelegd", klaagde Nicol. "Maar de problemen bleven. Soms was het zelfs zo erg dat de grafstenen bijna volledig onder water kwamen te staan. Na een nieuwe overstroming met schade aan de muren in 2014 zijn we op zoek gegaan naar een permanente oplossing. De enige oplossing die ons nog rest, is om de hele begraafplaats 1,2 meter op te hogen en een drainagesysteem aan te leggen dat het water zal afleiden naar een beek in de Kleine Poezelstraat."

 

Om de site haar oorspronkelijke toegangsmogelijkheden en het respect terug te geven dat ze verdiend werd beslist om de begraafplaats, nu quasi 100 jaar nadat de laatste soldaat hier zijn laatste rustplaats kreeg  te verhogen. Alle grafstenen en bovengrondse elementen van de begraafplaats werden ontmanteld tot op de funderingen en na de ophoging van het maaiveld,1,20 meter hoger dan de huidige toestand, terug geplaatst. Alles word  opnieuw gebouwd volgens de originele plannen van 1921.  Voor de heropbouw kreeg de Commonwealth War Graves Commission een provinciale subsidie van 150.000 euro. De stad Ieper zorgde voor een degelijke pompinstallatie om het water naar de beek af te leiden. 

 

Op 22 juni 2016 was er de heropeningsceremonie van Colne Valley Cemetery, in aanwezigheid van oa. de Britse Ambassadeur. Tijdens de serene plechtigheid las  Dhr. Trevor Evans een familielid van Rifleman Cornelius Sullivan het volgende persoonlijk verhaal voor :

 

"Cornelius Sullivan werd geboren in Londen op 14 februari 1886.

We weten dat hij in 1911 tewerkgesteld was in de printindustrie en in die tijd nog steeds in Londen verbleef.

In augustus 1914 schreef hij zich op 28-jarige leeftijd in bij het 7de bataljon van het KINGS ROYAL RIFLE CORPS waardoor we ervan uitgaan dat hij vrijwillig dienst nam in Kitchener’s nieuwe leger. 

Op 19 mei 1915 werd zijn bataljon gemobiliseerd voor de oorlog en landde in Boulogne om uiteindelijk hier in Ieper te belanden. 

We weten uit de regimentsarchieven dat het 7de bataljon vocht tijdens de Slag bij Hooge waar de vijand voor de eerste keer vlammenwerpers gebruikte.  

Cornelius stierf op 9 februari 1916. Op die dag vond geen veldslag plaats en zijn doodsoorzaak is onbekend, maar hoe hij ook om het leven kwam, hij was een trotse soldaat die zijn plicht vervulde, misschien geraakt door een scherpschutter of door scherven van een ontploffende granaat.

Cornelius was getrouwd en toen hij naar de oorlog vertrok, had hij 1 zoon die stierf als baby en 1 dochter (de moeder van mijn vrouw). Het zou 69 jaar duren voor ze haar vaders graf zag, op 79jarige leeftijd. Ze was tot tranen toe bewogen toen ze zag dat zijn graf hier in Colne Valley zo mooi onderhouden wordt en dat hij bij zijn gevallen kameraden rust. 

Toen we Talbot House bezochten, kwamen we te weten dat Cornelius daar in de tijd ook op bezoek geweest was en zelfs op 79-jarige leeftijd stond ze erop om de ladder te beklimmen om voor het altaar van de zolderkapel te kunnen knielen, net zoals hij dat ook gedaan had.   

Toen mijn vrouw en kinderen (die hier vandaag allen aanwezig zijn) voor het eerst naar Colne Valley kwamen, bijna 40 jaar geleden, was het een rustige en vredige plek te midden van een aardappelenveld. De voorbije 40 jaar zijn we hier vaak naartoe gekomen en uiteraard is er veel veranderd met de bouw van het industrieterrein en nu ook met de moderne windturbines, maar hoe dan ook, het is en blijft een rustig en vredig deel van Engeland. 

In naam van de families van alle soldaten die hier begraven liggen, zouden we graag de Commonwealth War Graves Commission en de mensen van Ieper bedanken voor de liefde en zorg waarmee de restauratie van Colne Valley gepaard ging en de graven van de gevallen soldaten die verder in vrede kunnen rusten, wetende dat ze nooit vergeten zullen worden". 

 

De Evans Familie.  

 

LATEN WE NOOIT VERGETEN  

 

Meer artikels
Graven van gesneuvelden. 04-07-2016
Aquileia Italië.

 

Op het moment dat de bijna 22 jarige cavalerist Umberto Orazi stierf, op 8 juli 1916, was het relatief rustig aan het Italiaanse front.

lees meer ...
Colonna Mozza 12-06-2017
Monte Ortigara Italië.

De Agnelizza-vallei, boordevol met doden, de skeletten van de strijd van vorig jaar en de gezwollen lijken van dit jaar, afkomstig uit een strijd die twee weken duurde.

lees meer ...
Cimetière Saint-Eloi 'Soldat Belge Inconnu'. 09-01-2017
Hazebrouck Frankrijk.

De ten zuiden van de stad gelegen begraafplaats van Saint-Eloi is beladen met geschiedenis.

lees meer ...