Vauquois  Frankrijk.
Butte de Vauquois.
Vauquois Frankrijk.

Op 14 mei 1916 (omstreeks 16 uur) lieten de Duitsers een ondergrondse mijn, van naar schatting, 60 ton exploderen, hierbij vielen 108 Franse slachtoffers en de gehele westkant van de heuvel werd weggeslagen.  Gedurende de oorlog telde men hier in totaal 519 explosies, 199 aan de Duitse kant en 320 aan Franse zijde. Toen de Amerikanen van de 35e infanterie divisie op 26 september 1918 de streek bevrijdden zagen ze hier een heuvel die compleet in tweeën was gespleten door een rij van 13 enorme kraters van 10 tot 20 meter diep die de voorste Franse linies scheidde van de Duitse linies.

 

André Parmar van het Franse 46e infanterieregiment die op 14 mei ’16 de ontploffing op de Butte de Vauquois meemaakte verwoorde zijn lotgeval ongeveer als volgt: “Vier uur. Het is precies of de gehele aarde stuift omhoog als een enorm grommend monster, een tumultueus monster, dat de binnenkant van de heuvel dooreen schud en tegen elkaar laat botsen. Een enorme verkrachting door een mijn, in vergelijking is het effect van de mijn aan de oostelijke kant een eenvoudige opstoot. De mijn sprong niet helemaal ten westen van de heuvel. De ingangen van de schuilplaatsen helemaal ten westen zijn ineengestort. De borstweringen zijn ineengezakt… Ik zie de krater. Hij is tien maal groter en gruwelijker dan die aan de oostelijke kant en kroont de gehele bovenkant van de heuvel. Het is precies of de krater de heuvel doorwoeld heeft tot in zijn hart. Ten westen is het hele systeem van schuilplaats-grotten de lucht ingegaan. Alleen mijn vriend Bonnet, in zijn te  kleine kapotjas, passeert. Hij heeft precies de gelaatstrekken van iemand die uit de dood ontwaakt is. Ik bevraag hem met mijn ogen. Onderluitenant Flécheau is dood, mijn twee secties zijn bedolven! Hij zegt die woorden gedienstig en zonder de verwachting van enige repliek.”

 

 Ook de Franse kapitein R. Fériet getuigde over de kracht van diezelfde ondergronds mijn:“16 h 10, de gehele heuvel, van het oosten naar het westen en van de noordelijke loopgraaf tot aan de bosweg is vreselijk dooreen geschud, schuilplaatsen storten in of zijn zowat overal ontwricht. Een Duitse mijn, de zwaarste ooit in Vauquois, is in de westelijke boog ontploft, ten noorden van de westelijke holle weg. De gehele uiterste westkant van de heuvel is letterlijk omgewroet, gemalen, onherkenbaar. De verliezen zijn hoog, de twee secties van de 9e compagnie (onder bevel van onderluitenant Bonnet van het 46e R.I.) die de westelijke boog bezet hield, het garnizoen van de kleine post van de holle weg, een korporaal en negen sappeurs van de compagnie 5/3 van het 1e regiment genie zijn verdwenen.”   

 

 

 

Meer artikels
Il Granatiere del Cengio. 23-05-2016
Monte Cengio Italië.

Dit monument ter ere van de Grenadiers is vervaardigd uit fragmenten van oorlogsschroot, van  o.a. ontplofte shrapnels, en bevind zich naast de kapel vlakbij de top van 'Monte Cengio'.

lees meer ...
Tyne Cot Cemetery. 02-10-2017
Passendale (Zonnebeke) België.

De heuvelrug van Passendale, bij de Britten bekent als 'Passchendaele Ridge' (scheiding tussen Leie- en IJzerbekken), vormde tijdens de eerste oorlogswinter 1914-1915 de verst vooruitgeschoven frontlinie van de Ieper salient.

lees meer ...
Steenbeek Pte Harry Patch 'Always remember both sides of the line'. 14-08-2017
Langemark (Langemark-Poelkapelle) België.

In 1916  werd Harry Patch, hij was toen 18, opgeroepen. Harry werd ingedeeld bij het Machine Gun Corps van het 7e bat. "The Duke of Cornwall's Light Infantry".

lees meer ...