Mametz  Frankrijk.
Devonshire Cemetery.
Mametz Frankrijk.

Het Devonshire Cemetery ligt 800 meter ten zuiden van Mametz (Somme) ligt op hoger gelegen terrein ten westen van de weg van Albert naar Péronne. Om bij de begraafplaats te komen loopt u vanaf het parkeerterrein naast de weg een stukje over een landelijk weggetje en daarna via traptreden over een grindpad. Deze Britse begraafplaats heeft een smalle rechthoekige vorm met aan de linkse zijde van de toegang een uitsprong waarin het Cross of Sacrifice staat. Er liggen 163 Britten begraven waarvan er 10 niet geïdentificeerd konden worden.

 

 

Het dorp Mametz    werd  op de eerste dag van de Sommeslag,  op 1 juli 1916,  door de 7th Division veroverd op de Duitsers. Het nabij gelegen bos Mametz Wood zou pas een week later ontzet worden. Het 8e en 9e bataljon van het Devonshire Regiment voerden op 1 juli een aanval vanuit Mansel Copse, dat was een klein bosje dat ongeveer 800 m ten zuiden van Mametz gelegen was. De 8e en 9e Devonshires, meestal vrijwilligers die zich in het begin van de oorlog aanmeldden, waren de strijd in gegaan met meer dan 1500 man, maar tegen het einde van de dag telden ze meer dan 400 gewonden, 62 van hen waren vermist en 236 waren dood. In het oorlogsdagboek van het 9e bataljon werd de chaotische sfeer van die dag precies beschreven door de pas aangekomen CO ( de bevelvoerende officier) Lance Corporal Beale. Hij was er in geslaagd om terug te keren naar de Britse frontlijn. Daar kreeg hij het bevel om vanuit Mansel Copse, samen met een aantal anderen, terug te keren naar het slagveld voor de Copse en de mannen die er overal in het rond lagen te verzamelen. De doden werden bijeengebracht in Mansell Copse. Daar werd op 4 juli 1916 om 18uur een begrafenisdienst gehouden, ze legden  hun gesneuvelde pals (kameraden) in hun oude loopgraaf. Er werden 161 kameraden begraven. Slechts één van de hier begraven Devonshires stierf niet op 1 juli 1916. De 42 jarige Second Lieutenant (onderluitenant) Gethin overleed twee dagen voor de aanval, op 28 juni ’16.

 

 

Door de opstelling van de grafzerken die twee aaneengesloten rijen vormen kan men afleiden dat het om een massagraf gaat. Een gedenksteen aan de toegang van de begraafplaats herinnert ons aan het feit dat deze bataljons hun stelling, ondanks hevige tegenstand en zware verliezen konden behouden. Deze steen vervangt sinds 1986 het oorspronkelijke houten kruis waarop toen ook volgende tekst vermeld stond: The Devonshires held this trench, the Devonshires hold it still! Vrij vertaald betekend dit ongeveer het volgende: “De Devonshires hadden deze loopgraaf in handen, de Devonshires hebben hem nog steeds!”

 

Op het Devonshire Cemetery ligt o.a. het lichaam van de 30 jarige kapitein Duncan Martin. Martin, die de commandant was van de A compagnie van het 9e bataljon, maakte van het aanvalsgebied een model in plasticine. Dat schaalmodel toonde hoe hun aanvalsterrein over het niemandsland er bij lag. Hij indiceerde daarop ook de gevaren die zijn mannen bedreigden, hij voorspelde dat ze vanuit het 'Shrine' ( een heiligdom gevestigd tegenover de begraafplaats in het dorp van Mametz) zouden worden weggevaagd door mitrailleurvuur. Zijn oversten bekeken het model wel, maar luisteren en de nodige conclusies trekken deden ze niet! Kapitein Martin’s compagnie werd toch in de vuurlijn van de mitrailleur geworpen. Jammerlijk genoeg bleek de voorspelling van kapitein Martin te kloppen, ook hij viel gedurende die kansloze actie.  Zoals hij het zelf had aankondigt werd de kapitein, toen hij zijn manschappen probeerde door de voorspelde gevaarlijke plek te loodsen, gedood. Zijn naam staat nu samen met twee andere lotgenoten van het Devonshire Regiment op één grafsteen gebeiteld. (zie foto).

 

 

Een ander hier begraven officier is Luitenant William Hodgson MC, ook van het 9e bataljon. De 23 jarige Hodgson  sneuvelde eveneens op 1 juli 1916. Hij was de zoon van de Rt Rev Henry Hodgson, DD, 1ste bisschop van St. Edmundsbury en Ipswich en van Penelope Hodgson, van Churcher’s College, Petersfield, Hants. Tijdens de  beruchte aanval was de jonge officier de Bombing Officer van het bataljon, d.w.z. dat hij verantwoordelijk was voor de aanvoer van handgranaten, die werden toen simpelweg 'bombs' genoemd. Het was dan ook in die hoedanigheid dat hij zou sneuvelen, terwijl hij handgranaten bracht aan de mannen in de pas veroverde loopgraven werd hij neergemaaid door een mitrailleurkogel afgevuurd vanuit het 'Shrine', vanop de plek waar kapitein Martin voor gewaarschuwd had. Luitenant William Hodgson werd nadien misschien het meest bekend voor zijn gedicht, Before Action, dat schreef hij op 29 juni 1916, slechts twee nachten voordat hij stierf. De laatste strofe van het gedicht groeide uit tot een populair citaat.

 

 

 

 

 

 

Before Action

I, that on my familiar hill Saw with uncomprehending eyes
A hundred of Thy sunsets spill
Their fresh and sanguine sacrifice,
Ere the sun swings his noonday sword
Must say good-bye to all of this:?
By all delights that I shall miss,
Help me to die, O Lord.

 

 

 

 

 

 

 

 

Van de 163 hier begraven mannen, zijn er  slechts 2 die niet bij de Devonshires dienden. De twee behoorden tot de Royal Field Artillery (veldartillerie). Het zijn sergeant Wright ( zie foto) die stierf op 10 november 1916 en de 41 jarige driver (chauffeur) Lambert Fred van de B Batterij van de 92e brigade. Fred stierf op 12 februari 1917, hij was de laatste die hier op deze toch ietwat speciale dodenakker te ruste werd gelegd. Devonshire Cemetery, een kleine begraafplaats met twee lange rijen van grafstenen, is  zeker een locatie die de tragedie van de grote oorlog weergeeft. De begraafplaats waar de mannen nu rusten was effectief ook de loograaf van waaruit ze op 1 juli 1916 aanvielen!

 

 

 

 

 

 

 

Meer artikels
Ex Cimitero Austro-Ungarico-Italiano. 13-11-2017
Magnaboshi (Cesuna) Italië.

Deze verlaten begraafplaats ligt tegenover de Britse Begraafplaats Magnaboschi.

lees meer ...
Essex Farm Cemetery 15-07-2014
Boezinge (Ieper) België

Een foto genomen van een starende man, 80 jaar na de wapenstilstand. Hij lijkt te mijmeren over wat er zich toen heeft afgespeeld op die plaats. Deze man uit Oxford vertelde dat z'n vader hier in de streek had gevochten in de Grote Oorlog, terwijl hijzelf aan de landing in Normandië had deelgenomen. Waarom hij zijn hoed heeft afgenomen heb ik nooit gevraagd. Wellicht uit eerbetoon en respect. Dit heeft me ook vaak aan het denken gezet, wat is er daar precies gebeurd?

lees meer ...
Respect for History Park ( Martelarenpark). 06-03-2017
Eceabat Turkije.

Het zuidelijk deel van Gallipoli (Gelibolu) in Turkije waar in 1915 de geallieerde landingen plaatsvonden werd in 1973 een nationaal park.

lees meer ...