Langemark België.
Welsh Memorial Park.
Langemark België.

In het voorbije 1916 werd de oorlog aan het Westelijk Front vooral aan de Franse fronten van Verdun en de Somme uitgevochten. In dat zelfde jaar verliep de oorlog aan de West-Vlaamse frontlijn relatief rustig, maar 1917 zou daar verandering in brengen! Begin ’17 was de Britse legerleiding volop bezig met de laatste voorbereidingen van een ondergronds offensief. Een offensief waar men een anderhalf jaar aan zou gewerkt hebben, er werden tunnels gegraven tot onder de Duitse stellingen, daarin zou men dan duizenden kilo’s springstof in plaatsen en die dan op het afgesproken tijdstip samen tot detonatie brengen. Zo wilden de Britten in de loop van ’17 een doorbraak forceren, deze actie zou nadien bekendheid krijgen als de Mijnenslag van Mesen (7juni 1917). De Mijnenslag op en rond de heuvelrug van Mesen tot Hill 60 zou beginnen met een verschrikkelijke explosie! Ondertussen was de geallieerde legerleiding ook al bezig met de volgende stap te plannen. Hun doel was het doorbreken van de Duitse linies om zo de duikboothavens van Oostende en Brugge te veroveren. Deze actie zou de geschiedenisboeken in gaan als de Derde Slag bij Ieper(ook bekend als de Slag bij Passendale).

 

Precies honderd jaar geleden, in februari ’17, liep de koude winter hier eindelijk op zijn einde. Aan het IJzerfront en in de Ieperboog voerden beide partijen raids uit en de artilleristen bestookten er elkaars posities, maar voor de rest was het er nog redelijke rustig. Maar dat zou veranderen, vooral het front in de Ieperboog zou in een vuurzee en slachtterrein omgetoverd worden! Tijdens die gruwelijke acties aan het Ieperse front zouden ook heel wat Welse militairen het leven verliezen. Om dat te herinneren werd er 2014 een Welsh gedenkteken geplaatst. Wales verloor percentueel meer mensen dan enig ander land. Het voormalige vorstendom ligt ten westen van Engeland en is begrensd door de Keltische (of Ierse) zee. Wales vormt nu samen met Engeland, Schotland en Noord-Ierland het United Kingdom (Verenigd Koninkrijk) en word beschouwd als één van de Keltische ‘restgebieden’ binnen Europa. Dat komt omdat het een overblijfsel is van een cultuur die op een bepaald ogenblik bijna geheel Centraal-Europa beheerste. De Welse taal behoort tot de Keltische groep en is niet rechtstreeks verwant aan het Engels. Van alle Keltische talen, zoals het Schots, Iers Gaelic en het Bretoens… is het Welsh de nog meest levende taal, circa 22% van de bevolking spreekt het en de tendens is nog stijgend.

 

Het Welsh nationaal monument werd opgetrokken in het “National Welsh Memorial Park” gelegen langs de Boezingestraat, Langemark. De grond werd ter beschikking gesteld door de gemeente Langemark - Poelkapelle, en het Regionaal Landschap (Provincie West- Vlaanderen) engageerde zich voor de landschapsaanleg. Centraal in het park staat er een reproductie van een prehistorische "cromlech" (dolmen), opgetrokken met stenen geschonken door een Welshe groeve. Daarop werd een knal rood gekleurde bronzen draak geïnstalleerd, de draak is bij uitstek het symbool van Wales. Y Ddraig Goch of de Rode Draak werd in 1807 voor het eerst op een vlag geplaatst als het zinnebeeld van Wales in zijn huidige vorm. In feite werd er geen exacte vorm van de draak vastgesteld en daardoor ontstonden er verschillende interpretaties. De rode draak wordt al eeuwen met Wales geïdentificeerd, maar de oorsprong van de draak is onduidelijk en gekoppeld aan verschillende mythen. Een waarschijnlijke verklaring is dat de Romeinen het symbool in de vorm van drakenstandaarden naar het Britse eiland meebrachten. De oudst bekende bron waar in er sprake is van de Welse draak is het Historia Britonum , dat Brits historisch werk werd geschreven rond 830.

 

 

 

 

 

De rode draak op de dolmen kijkt naar de Steenbeek, dat was het tussenobjectief voor de Welsh op 31 juli 1917, en Passendale. Dat was de plaats waar drie maanden later Canadese troepen, met ondersteuning van Welse en Ierse eenheden op de flank, een einde maakten aan een slag die de geschiedenis zou ingaan als één van de verschrikkelijkste momenten van gans de oorlog. Omwille van de sterke historische achtergronden werd deze plaats geselecteerd als uitgelezen locatie voor het nieuwe monument. Desondanks werd het niet specifiek opgedragen aan de Welse militairen die in Vlaanderen vochten, maar wel aan alle personen van Welse afkomst die gedurende gans het conflict bij de Eerste Wereldoorlog betrokken waren, zowel op de verschillende fronten overal ter wereld als in Wales zelf. De ruime omschrijving van de doelgroep telt dus net zo goed voor militairen als verpleegsters, fabrieksarbeid(st)ers en andere betrokkenen aan het thuisfront of op zee, maar ook individuele Welse militairen die bij Engelse of andere eenheden ingelijfd waren. Om die reden is het een volwaardig nationaal monument zoals de Ierse toren in Mesen en de Canadese, Australische, Zuid- Afrikaanse en New Foundland-monumenten in het noorden van Frankrijk. Het Welsh National Memorial Park in Langemark - Poelkapelle werd op 16 augustus 2014, tijdens een internationale plechtigheid, ingehuldigd door o.a.  de Welse Eerste Minister Carwyn Jones.

 

De wijk Hagebos, de plaats waar het Welsh nationaal monument werd geplaatst, situeert zich in het midden van het gebied dat op 31 juli 1917, tijdens de eerste dag van de Derde Slag om Ieper, door de 38e Welse Divisie veroverd werd. Het gedenkteken ligt ten noorden van Ieper, ongeveer halverwege tussen Pilkem en Langemark. Het staat op de heuvelrug ten zuidwesten van Langemark, daar woede in de zomer van 1917 de slag bij Pilkem Ridge (31 juli-2 augustus 1917) dat was de eerste fase van de Slag om Passendale (31 juli-10 november 1917).

Die dag veroverden de Fransen Bikschote en de Britten veroveren Pilkem, 't Hoge (bij Bellewaarde), en Hollebeke. Ze veroverden ook St.-Juliaan,  ‘s Graventafel, en de Westhoek (gehucht tussen Bellewaarde en Zonnebeke), maar die werden weer prijsgegeven. 's Avonds zaten ze vast in de modder voor de Steenbeek.  Tijdens die slag werden voor het eerst zowel dienstplichtigen, vrijwilligers als wat overbleef bleef van de beroeps- en territoriale militairen in grote aantallen ingezet. Nooit eerder was de Britse maatschappij zo massaal en in al haar geledingen betrokken bij een grootschalig gevecht.

 

 
De gevechten bij Pilkem waren een belangrijk onderdeel van de Slag bij Passendale Ook heel wat Welse eenheden werden hier al vanaf dag 1 van het offensief op het strijdtoneel gegooid. In juli ’17 nam de 38e (Welsh) divisie deel aan de gevechten in dit gebied. Het waren kennelijk moedige vechtjassen want de Britse veldmaarschalk Haig beschouwde ze als een van zijn beste divisies. Ook in andere Britse divisies vond men Welse eenheden, de 29e Divisie telde onder haar eenheden  het 2e  bataljon van de South Wales Borderers en het 2e  bataljon  van het Monmouthshire Regiment, de Welsh Guards waren in de Guards Division opgenomen. Van al de opgenoemde Welse eenheden maar ook van het Welch Regiment en de Royal Welch Fusiliers liggen er nu jongens, mannen te rusten op het nabij gelegen Artillery Wood Cemetery in Boezinge. Ook de toen bekende 30-jarige Welse dichter Ellis Humphrey Evans ("Hedd Wyn") sneuvelde hier op 31 juli ’17 in de omgeving en ligt ook begraven op Artillery Wood Cemetery.

 

De 38e (Welsh) divisie trok op 31 juli, net zoals de andere divisies, ook noordoostwaarts op en dat vanop een front van ongeveer 1,3 km breed maar dat verderop versmalde tot 0,9 km, en dat rechts naast de spoorlijn liep. In de rechter aanvalstrook trok de 114e brigade voorwaarts. Het 10e bataljon en het 13e bataljon van het Welsh Regiment vertrokken vanop een lijn die ongeveer van aan de huidige Britse begraafplaats  Welsh Cemetery  (geïsoleerd gelegen begraafplaatsje tussen de Kleine Poezelstraat en de Moortelweg) liep tot aan de demarcatiepaal in de Pilkemseweg, die strook was een goede 500 meter breed. Ze hadden geen moeite om het eerste objectief, de Blue Line, te bereiken (ong. vanaf Gallwitz Farm (nu Palinghof,) tot Hindenburg Farm. Vanaf hier namen het 14e en 15e bataljon van het Welsh Regiment de taak nu over. Maar er was nogal wat Duitse weerstand wanneer ze Iron Cross (Hagebos) naderden. Het 14e bataljon van het Welsh Regiment kreeg het tijdens de bestorming hard te verduren, maar toch slaagden de Welsh erin om er met hun bajonetten 20 Duitsers te doden, daarnaast namen ze 40 Duitsers gevangen en maakten ze ook drie mitrailleurs buit.

 

De 113e brigade vertrok van een lijn die ongeveer liep van aan het huidige waterreservoir van het industrieterrein, schuin tegenover het huidige (naoorlogse) sas, tot waar de begraafplaats Welsh Cemetery gelegen is, dat was een strook van ongeveer 600 meter breed. Het 13e en 16e bataljon van de Royal Welsh Fusiliers bereikten ondanks de Duitse weerstand toch de vooropgestelde Black Line, die door Pilkem liep. Meestal bestond die weerstand erin dat ze onderweg vanuit betonnen posten onder vuur genomen werden door Duitse mitrailleurs, maar die werden door de Welshmen in de flanken aangevallen en uitgeschakeld.

 

 

 

De 115e brigade, de ondersteunende eenheid, was hen achterna gekomen en trokken door (een soort haasje-over dus) richting Steenbeek, de hier ingezette troepen waren het 11e bataljon South Wales Borderers en het 17e bataljon Royal Welsh Fusiliers. De huizen in de buurt vormden ernstige obstakels want die waren door de Duitsers omgebouwd tot betonnen mitrailleurposten. Ondanks hun hevig tegenvuur konden die Duitse posities toch uitgeschakeld worden en kon de Steenbeek omstreeks 15 uur bereikt worden. Doch de eenheden die de beek overstaken werden teruggeslagen.

 

Die dag werd er ook een Welshman beloond met een Victoria Cross. Die hoogste militaire onderscheiding werd postuum uitgereikt aan de 31-jarige James Llewellyn Davies. James was korporaal bij 13e bataljon van de Royal Welsh Fusiliers, hij verdiende zijn VC nabij Corner House ( dat lag vlakbij Goudwinde, op de hoek van de Langemarkseweg en de Bikschootsestraat). Tijdens zijn moedige actie raakte James ernstig getroffen en bezweek dan later aan zijn verwondingen. Hij ligt begraven in Elverdinge op Canada Farm Cemetery.

 

 

 

 

 

 

 

Meer artikels
Bunker Scott's Post. 25-09-2017
Polygoonbos (Zonnebeke) België.

Een belangrijk overblijfsel van de Groote Oorlog in het Polygoon bos is een Duitse bunker.

lees meer ...
Herdenking deelname in WO1 van Amerika. ( First Division). 28-05-2018
Cantigny Frankrijk.

In mei 1918 beschouwde de Amerikaanse bevelhebber generaal Pershing dat slechts enkele van zijn divisies klaar waren voor de strijd.

lees meer ...
Oorlogsmonument. 13-10-2014
Antwerpen België.

La Position fortifiée d'Anvers (PFA) of in het Nederlands de Versterkte Stelling van Antwerpen (VSA) was de rol toebedeeld van operationele basis en nationaal reduit voor het Veldleger en de politieke instellingen. In het begin van de oorlog betrokken koning Albert I en koningin Elisabeth samen met hun kinderen het paleis op de Meir, Antwerpen was op dat moment de hoofdstad van België. Deze defensieve stelling bestond uit een binnenste en een buitenste verdedigingsgordel, ondersteund met forten en schansen.

lees meer ...