Passendale (Zonnebeke) België.
Canadian Crest Farm Memorial.
Passendale (Zonnebeke) België.

De laatste twee aanvallen op 9 en 12 oktober in de richting van de heuvelrug van Passendale eindigden in een pijnlijk drama. Ondertussen werd het weer alsmaar slechter, maar de Britse opperbevelhebber, veldmaarschalk Douglas Haig, wou nog altijd niet weten van stoppen! Hij wou absoluut de heuvelrug nog veroveren. Passendale en haar directe omgeving moest in feite al in augustus 1917 worden ingenomen. Oorspronkelijk was het de bedoeling na de inname van Passendale,de mogelijkheid te creëren om van daaruit door te stoten naar de Vlaamse havens. Nu echter diende het dorpje om een heel andere reden veroverd te worden, namelijk om de mislukking van Haigs offensief in Vlaanderen te verbloemen! In de eerste plaats wou hij zijn eigen eer en faam redden, later zou hij beweren dat hij het deed om de druk op het Franse leger te verlichten. In werkelijkheid was dat niet zo, want de Franse opperbevelhebber Philippe Pétain wou integendeel dat alle legers hun krachten zouden sparen. Want na de instorting van Rusland in het oosten hield hij er rekening mee dat al van in het voorjaar van 1918 nieuwe Duitse aanvallen in het westen zouden komen.

 

Haig had verse troepen nodig en deed daarom persoonlijk beroep op de bevelhebber van het Canadese legerkorps, luitenant-generaal Sir Arthur Currie. Doch deze was absoluut niet enthousiast. Het verdomde Passendale was volgens hem: "geen druppel bloed waard”! Currie voorspeldde dat de verovering van de heuvelrug 16.000 slachtoffers zou kosten. Maar uiteindelijk bezweek hij toch voor Haigs smeekbede en zo werden de ANZAC's vervangen door Canadese troepen.

 

 

Luitenant-generaal Sir Arthur Currie wou dat de kostprijs van het welslagen met granaten en niet met mensenlevens betaald zou worden, daarom wou hij dat de aanval zo goed als mogelijk voorbereid werd. Het voorbereidende werk gebeurde hier vooral door de Royal Engineers (genie bij de Britten). Deze mannen bouwden en herstelden wegen, spoorwegen, bruggen, depots, en schuilplaatsen. Zo  zorgden ze ervoor dat er voortdurend manschappen, artillerie, munitie en allerlei ander materiaal van en naar het front kon worden vervoerd. Achter één man in de frontlijn stonden er gemiddeld twee mannen in steun.  Het werk dat zij leverden was door het slechte weer bijzonder lastig, maar bovendien was het ook gevaarlijk want ze stonden constant bloot aan het vijandelijke artillerievuur.

 

Het aanleggen van nieuwe wegen en houten looppaden op het pas veroverde gebied, dat doorspekt was met bomkraters en modderpoelen, was vrijwel onbegonnen werk. Het positioneren van de nodige geschutstukken was, door de slechte staat van het terrein, zeker ook geen gemakkelijke klus. Ook voor de paarden en andere lastdieren die de munitie aanvoerden of grote gewichten moesten dragen of trekken door een landschap waar bijna geen wegen of paden meer waren beleefden er helse toestanden! Vaak zakten de dieren tot hun knieën of zelfs tot aan hun buik weg in de plakkende bruine brij.  Wanneer een artilleriebombardement begon, konden de dieren niet in beschutting worden gebracht. Ze bleven geduldig staan, tot ze getroffen werden of totdat het voorbij was. Ze leken nooit te panikeren en leken dankbaar indien iemand bij hen bleef tijdens deze dieronvriendelijke kwelling. 

 

Op 26 oktober 1917 tok het Canadese leger ten aanval in de richting van Passendale. Langsheen de Ravebeek kon de 4de Canadese Divisie Bellevue Spur passeren, dat was de plaats waar de Nieuw-Zeelanders twee weken eerder afgemaakt werden. De voorbereidende artilleriebeschieting had nu wel de prikkeldraadversperringen vernield waarop de Nieuw-Zeelanders waren vastgelopen. Iets zuidelijker attaqueerde de 2de Divisie vanuit Zonnebeke (nabij het huidige Tyne Cot Cemetery). Ze rukten op tot een heuveltje met een hoeve, door de Canadezen ‘Crest Farm’ genoemd, op een paar honderd meter van de vroegere dorpskern van Passendale. De Duitsers wisten daar de aanval te stoppen en de Canadezen iets terug te slaan.  

 

De objectieven van de dag waren bereikt, maar de verliezen bij de Canadezen waren groot. Een bataljon uit Saskatchewan kreeg de bijnaam ‘zelfmoordbataljon’, deze eenheid verloor 70 % van hun effectieven.  De strijd was bijzonder intensief geweest, met zware lijf-aan-lijf-gevechten. Doordat het bleef regenen waren de aanvoerroutes vrijwel onbruikbaar geworden. Tussen de twee Canadese divisies lag het dal van de Ravebeek, dat was ondertussen één onoverzichtelijk moeras geworden. Daardoor hadden ze nauwelijks voeling met elkaar. Voor de aflossingstroepen duurde het elf uur om vanuit Ieper het front te bereiken. De omstandigheden waren zowel voor vriend als vijand verschrikkelijk. 

 

Op 30 oktober trokken de Canadezen opnieuw in de aanval. De opmars verliep langs de twee hoofdwegen vanuit Ieper en Zonnebeke naar Passendale, op iets hogere gronden.  Alleen die waren nog begaanbaar, maar dat maakte de aanvallers ook zeer kwetsbaar voor de Duitse kanonnen. En de eigen kanonnen slaagden die dag er amper in om ondersteuning te geven. De gevechten waren zeer hevig en in bijna alle bataljons werd zowat de helft van de manschappen uitgeschakeld. Toch bereikten de Canadezen hun doelwitten van de dag, in het zuiden Crest Farm, in het noorden Meetchele. De Britten die op de flanken mee in de aanval waren gegaan, hadden echter niets bereikt. De hoogtes bij Beselare en Geluveld bleven stevig in Duitse handen. 

 

Op 6 november begon de eindaanval op Passendale. Het regende al wat minder, maar de toestand van het terrein bleef bar slecht. Deze keer kon de Canadese artillerie wel zorgen voor een degelijke ondersteuning. Om de acht meter stond een kanon,de artillerie zorgde daar voor een muur van exploderend metaal, waarachter de troepen konden oprukken.  De 1ste Canadese Divisie kwam vanuit het noorden. De 2de Canadese Divisie moest van de hoogte van Crest Farm afdalen en van daaruit opklimmen naar Passendale.  De Canadezen kruisten op hun weg veel gedode Duitsers. Er was weinig verzet. Tegen acht uur stonden de Canadezen in de verwoeste dorpskern van Passendale. Alleen de Duitse artillerie zorgde nog voor gevaar. 

 

Op 10 november voerden de Canadezen nog een laatste aanval uit. Ze verdreven de Duitsers vanuit hun stellingen ten noorden van Passendale, ze veroverden de Goudberg en namen het belangrijke kruispunt aan de weg Passendale-Westrozebeke in. 

 

Op 12 november 1917 beëindigde Douglas Haig officieel de Britse offensieven die bekend zouden worden als de Slag bij Passendale. Nu het dorpje veroverd was, kon hij de Britse regering melden dat hij zijn doel bereikt had.  Het redden van zijn reputatie kostte het Canadese legerkorps uiteindelijk  ruim 15.000 man aan doden, gewonden en vermisten ( waarvan ruim 4.500 doden).

 

 

 

Als eindbedenking een vrij vertaald fragment uit 'The Great War As I Saw It' door Canon Frederick Scott. (7 april 1861- 19 januari 1944). Deze Canadese poët en  auteur was tijdens de oorlog 'Senior Chaplain', priester met de rang Majoor bij de 1e Canadese Divisie. Na de slag om Passendale ging hij op zoek naar zijn eenheid aan het front:

 

'Toen ik tussen de verschrikkelijke,modderige wegen liep kwam ik verschillende Duitse bunkers tegen die omgebouwd waren tot hoofdkwartiers voor de bataljons. Eindelijk na het waden door water en modder tot bijna kniehoogte, bevond ik mij in de namiddag zwervend tussen de modder ,granaattrechters en triestige loopgrachten nabij Goudberg Copse met een duidelijk zicht op de ruines van Passendale, dat was bezet door aan andere divisie rechts van ons. De hele regio was onuitsprekelijk verschrikkelijk. Het regende,de troosteloze verspilling van door granaten omgeploegde gele klompen modder  tot zo ver je het met de ogen kon waarnemen. Moe en bleke  dragers  brachten de gewonden op brancards weg, tijdens een trip van verschillende kilometers. De lichamen van dode mannen lagen hier en daar, waar ze in de opmars waren gevallen. Ik kwam bij een arme kerel die deze morgen werd gedood. Zijn lichaam was bedekt met een glanzend laagje van gele modder waardoor hij eruit zag als een bronzen standbeeld. Hij had een mooi gezicht,een fijn gevormd hoofd,  dicht krullend haar en leek meer op een kunstwerk dan een mens. De enorme bomkraters waren half gevuld met water die vaak rood kleurde door het menslijk bloed vele gewonden vielen in de plassen en verdronken. Terwijl ik op stap was vertelde iemand me dat er zich voor mij in de loopgraven een gewonde bevond. Ik begaf me op weg naar de aangegeven richting en riep of er daar iemand was. Plotseling hoorde ik een zwakke stem antwoorden, ik haastte me naar de plek waar het geluid vandaan kwam. Daar vond ik zittend in de modderige loopgraaf, zijn benen bijna helemaal in het water een kerel die  me vertelde dat hij daar al vele uren zat. Ik had nog nooit zo'n vrolijke uitdrukking op een gezicht gezien. Hij glimlachte opgewekt en klaagde niet over wat hij had geleden. Ik vertelde dat ik een brancard zou halen, ik stapte naar enkele nabije loopgraven en kwam terug met dragers en  een brancard om hem te redden. De mannen sprongen in de loopgraaf,en bewogen hem voorzichtig maar zijn  benen waren zo gevoelloos, alhoewel ze geraakt waren voelde hij geen pijn. Een van de mannen vroeg of hij alleen was geraakt in de benen. Hij zie 'ja maar de man keek me aan en bij het omhoog trekken van de tuniek van de jongen zag ik een afschuwelijke wonde in zijn rug. Ze droegen hem gelukkig en opgewekt weg. Of hij ooit is hersteld weet ik niet. Indien van wel en als hij ooit dit boek leest,  hoop ik dat hij me zou schrijven om me te vertellen hoe het met hem is.

 

Meer artikels
Ceremonie 'Crest Farm Memorial' 09-11-2015
Passendale (Zonnebeke) België.

Zonnebekes wereldbekende deelgemeente Passendale of door de Britten beter bekend in de oude spelling als ‘Passchendaele’ lag gans de oorlog in de vuurlinie, maar in 1917 speelde de gemeente een hoofdrol tijdens één van de gruwelijkste veldslagen van de oorlog.

lees meer ...
Lone Pine Cemetery. 03-08-2015
Victoria Gully Turkije.

Op 6 augustus 1915 was er een Britse aanval gepland op Suvla Bay, dit was een ideaal gebied voor de landing van een grote legermacht.

lees meer ...
Dud Corner Cemetey 'Capt Anketell Moutray Read VC'. 14-09-2015
Loos (Loos-en-Gohelle) Frankrijk.

Anketall Moutray Read ( 27 oktober 1884 - 25 september 1915) werd samen met zijn tweelingzuster geboren te Leckhampton (Engeland).

lees meer ...