Heudicourt Frankrijk.
Pte David Schalk Ulundi Ross Age 14.
Heudicourt Frankrijk.

Op Heudicourt Communal Cemetery, de Franse gemeentelijke begraafplaats van Heudicourt (Somme) werden vier geïdentificeerde Commonwealth soldaten uit WOI begraven. Op het einde van maart 1917 begonnen de Britten naast de gemeentelijke begraafplaats, met de expansie van de begraafplaats. Deze uitbreiding zou de naam Heudicourt Communal Cemetery Extension krijgen. Hier werden 85 geïdentificeerde Britse militairen begraven.

 

 

In één van die vier graven van Heudicourt Communal Cemetery rusten de stoffelijk resten van Private (soldaat) David Schalk Ulundi Ross. David was pas 14 jaar en drie maanden oud toen hij op 25 maart 1918 overleed.

 

 

Lange tijd werd gedacht dat de in Poelkapelle begraven John Condon de jongste geallieerde militair was die sneuvelde tijdens WOI. Sinds dat het duidelijk geworden is dat John Condon geen 14 jaar was maar ouder, en dat hij zelfs niet eens onder de grafsteen in Poelcappelle ligt, wordt Joe Strudwick  nu heel vaak als jongste gesneuvelde soldaat aangeduid. Merkwaardig genoeg hoort men zelden de naam van de Zuid-Afrikaanse kindsoldaat David Ross. Nu dat kan twee reden hebben, hij ligt op een weinige bezochte plaats met een beperkt aantal graven en zijn leeftijd staat niet vermeld op zijn grafsteen.

 

David werd geboren in Durban in januari 1904. Zijn vader Colin George Ross was van Schotse afkomst en zijn moeder Sarah van Afrikaanse afkomst. Het gezin woonde in kamer 15, 218, Arcida Mansions te Johannesburg (South Africa). Toen David zich op 5 februari 1917 melde op het rekruteringscentrum moet hij er volwassen genoeg hebben uitgezien om de rekruteringssergeant te kunnen overtuigen dat hij 18 jaar en 6 maanden oud was. Doch in realiteit was David, vanaf nu Private No. 11322 D.S.U. Ross, amper 13 jaar oud! Uit zijn persoonlijk militairdossier blijkt dat hij 1m70 groot was, in die tijd was dat letterlijk groot en zeker voor een dertienjarige die nog moest groeien. De jongen had een borstomtrek van 96,52 cm. Hart en longen waren in orde, hij had een donkere huidskleur, zwart haar en blauwe ogen. In zijn dossier staat ook dat hij een aanhanger was van de Church of England en dat David zijn moeder en zijn 10 jarige broer Martin vermeldde als zijn naasten voor de allocatie van zijn loon. David verdiende drie shilling per dag, daarvan ging er dagelijks twee shilling naar zijn moeder.

 

Drie weken nadat hij dienst had genomen scheepte hij te Cape Town in aan boord van de S.S. Walmer Castle, die zette koers richting Europa. Op 21 april’17 was hij voor een onbekende reden in het in Rochefort Military Hospital. De maand daarop was David, vanaf 15 mei, voor drie dagen in verlof. Na zijn permissie scheepte hij samen met andere militairen van zijn eenheid, de 2nd SAI  (2nd South African Infantry Regiment), in te Southampton. De volgende dag bevonden de Zuid-Afrikanen  zich in de hoofdstad van de regio Normandië, in Rouen. David maakte kennis met het militaire bataljonsleven en de militaire training. Op 11 juni stuurde men hem naar het front en drie dagen later vervoegde hij zijn bataljon, hij werd bij de B compagnie geposteerd. Daar ervaarde hij, in de regio van de Somme, het dagelijks bestaan in loopgraven.

 

De derde Slag om Ieper was al twee maanden aan de gang toen de Zuid-Afrikanen het Franse Achiet-le-Petit verlieten en naar de Westhoek kwamen, op zaterdag 15 september arriveerden ze in Poperinge. In de namiddag van 17 september werden ze van aan een spoorlijn in de buurt van Poperinge in open vrachtwagens vervoerd naar Ieper, daar namen ze hun intrek in diepe dug-outs langs de kanaalbank ten westen van Ieper. Op 20 september 1917 begon de tweede fase van het grote offensief in Vlaanderen. Die beruchte ochtend werd de eerste Zuid-Afrikaanse Infanteriebrigade vastgekoppeld aan de 9e Schotse divisie. De eenheden werden verzameld in hun frontpositie bij de Frezenberg ten noorden van de spoorlijn van  Ieper-Roeselare in de buurt van Zonnebeke.

 

Het 2e SAI was er ter ondersteuning van het 4e SAI en moest  het tweede objectief, Waterend Farm in de Bremen-Redoubt sector, innemen. Duitse mitrailleurs zaaiden hun kogels over de duistere vlakte en zorgden ervoor dat de Zuid-Afrikanen zware verliezen leden toen ze zich doorheen de Hanebeek worstelden.Ergens tussen de beek en Mitchell Farm liep David Ross een ernstige schotwond aan zijn linkerbeen op. In een paar uur tijd hadden de vier eenheden hun doelstellingen bereikt, maar de prijs was hoog! Van de 2.576 mannen die de aanval introkken werden er nadien 1.255 van hen genoteerd als gedood, gewond of vermist. David werd overgebracht naar de hoofd verzamelhulppost  in de buurt van Potijze Chateau. Van daar bracht men hem via Ieper over naar het No. 32 Casualty Clearing Station (veldhospitaal) op het gehucht Brandhoek in Vlamertinge. Binnen de 48 verliet hij met een medische trein het veldhospitaal van Brandhoek en werd hij naar de Franse kust getransporteerd, waar hij in het No. 22 General Hospital te Camiers opgenomen werd. Vanuit Camiers bracht men hem dan op 26 september over naar de zuidkust van Engeland. David werd verder verzorgd in het 1st London General Hospital in Camberwell. Zijn been genas langzaam. Twee maanden later op 12 december werd David uit het hospitaal ontslagen en werd de jongen ingedeeld bij het reserve infanteriebataljon. Op 2 januari 1918 kreeg David een boete van één dagloon opgelegd, deze bestraffing kreeg hij voor zijn gedrag ten nadele van de goede orde en militaire discipline! Was zijn nieuwjaarsfeeststemming misschien wat uit de hand gelopen?

 

Hij ging aan boord in Southamptom en arriveerde per schip vier dagen later in Rouen op 5 februari terug op het Europses vastenland. Via het Infantry Replacement Depot in Rouen keerde hij op 15 februari terug naar zijn eenheid te velde.Onder bevel van kapitein Garnet Green MC, een Zuid-Afrikaanse veteraan en overlevende van de Battle of Delville Wood, vertrok de 'B' compagnie in maart naar de gevechtszone van de Gouzeaucourt vallei. Daar verdedigde het 2e SAI Gauche Wood, dat was een klein bos gelegen op een heuvel net ten zuiden van het dorp Gouzeaucourt en met uitzicht op het dorp van Villers Guislain. Dinsdag 19 maart was een druilerige dag en gedurende de volgende dag waren de Duitse linies  omsluierd door de mist.

 

De acht dagen voorafgaande aan 21 maart waren de rustigste ooit  in de frontlijnervaring van de Zuid-Afrikaanse Brigade, maar om 04u48 kwam daar verandering in! Gedurende vier uur spuwden Duitse kanonnen gas- en hoog explosieve artilleriegranaten op de Britse fronstellingen en hun achterhoedes. Operatie Michael, het Duitse Lenteoffensief, was begonnen!

 

Tussen 08u00 en 09u00 werd Gauche Wood aangevallen, de dikke mist hielp de Duitsers om ongemerkt binnen te dringen in het bos. Het bezit van het bos werd fel betwist. Kapitein Green zag dat de Duitsers, aan drie zijden van het bos, beschikten over een ongelofelijke sterke mankracht. Daarom besloot hij om zijn mannen geleidelijk terug te trekken naar de loopgraven ten zuidwesten van het bos. Zij hielden daar gedurende vierentwintig uur stand. Kapitein Garnet Green sneuvelde tijdens de terugtocht. Ook David's oorlogsavontuur eindigde hier. David raakte gewond in het bos en werd later op zondag 24 maart als vermist genoteerd. David was in vijandelijke handen gevallen en overleed in gevangenschap op 25 maart 1918. Op 11 september1918 werd de locatie van zijn graf gerapporteerd.

 

 

Zijn graf vindt U vandaag in het kleine gemeentelijke plot achter de dorpskerk van Heudicourt. De vier mannen begraven op Heudicourt Communal Cemetery overleden allen in de maand maart. Opvallend echter zijn de verschillende jaartallen: 1916, 1917 en 1918. De drie andere mannen zijn:

 

  • De 21 jarige Private G. Newsum, overleden op 24 maart 1918, hij diende bij het Lincolnshire Regiment.
  • De 33 jarige, Lance Corporal F.G. Larcombe, overleden op 30 maart 1917, hij diende bij het Devonshire Regiment.
  • De 19 jarige Lance Corporal Sanderson Ronald, overleden op 25 maart 1916, hij diende bij het Royal Fusiliers.

 

Meer artikels
Canakkale Memorial voor de Turkse martelaren. 19-10-2015
Morto Bay ( Seddülbahir) Turkije.

“Honderd jaar geleden hebben duizenden van onze soldaten hun leven op dit front opgeofferd voor hun land en eer,”

lees meer ...
Sacrario Militaire Redpuglia. 10-10-2016
Fogliano Redipuglia Italië.

Op zaterdag 13 september 2015 reisde Paus Franciscus naar de Noord-Italiaanse gemeente Fogliano Redipuglia om er deel te nemen aan de herdenking van de 100e verjaardag van de Eerste Wereldoorlog.

lees meer ...
Vrije vlucht nabij Respect To History Park. 28-12-2015
Eceabat Turkije.

Geen terugtocht via een ferryboot of de bus in eind 1915!

lees meer ...