Arras  Frankrijk.
Arras stedelijke begraafplaats.
Arras Frankrijk.

Tijdens de oorlog was Arras (Atrecht), de hoofdstad van het Franse departement Pas-de-Calais.  Vanaf oktober 1914 was de stad het toneel van een hevige strijd. Eind augustus 1914, om 16 uur, trokken een paar Duitse krijgers Arras binnen, een week daarna werden ze dan gevolgd door een staf en 3000 manschappen, maar ze zouden er niet blijven! Arras werd slechts enkele dagen door de vijand bezet, maar de stad zou wel voor de duur van de oorlog leven onder een aanhoudend artillerievuur. De stad lag immers dicht bij de vreselijke slagvelden van Artois (Artesië). Dat zorgde er helaas voor dat bijna niets van haar immens histories erfgoed de oorlog zou overleven. In oktober 14 werd het belfort, het stadhuis en een aantal flamboyante gotische meesterwerken vernield. Het jaar daarop, in ’15, werden ook de abdij Sint-Vaast en de kathedraal verwoest. De prachtige Grand-Place en de nabij gelegen Place des Héros werden voor 80% verruïneerd. Het historische centrum werd opgeslokt door het oorlogsgeweld en was voor altijd verloren.

 

 

Samen met de Eerste Slag bij Albert vormde de Eerste Slag bij Arras een poging van de Fransen om de Duitse troepen een halt toe te roepen in hun opzet om in noordwestelijke richting naar het Kanaal te manoeuvreren (de zogeheten "wedloop naar de zee"). De hiermee samenhangende Franse aanval, via een opmars langs het traject Arras-Lens, begon op 1 oktober 1914 toen er afdoende troepen beschikbaar waren voor de vorming van generaal Maud'huy's nieuwe 10e Franse leger. Hoewel de opmars naar Douai voorlopig goed verliep dwongen de succesvolle tegenaanvallen van het 6e Duitse leger generaal Louis Ernest de Maud'huy toch tot de terugtocht. Ondanks zware aanvallen door drie korpsen van het Duitse 1e, 2e en 7e leger lukte het de Fransen om bij Arras stand te houden. Toen Lens op 4 oktober terug aan de Duitsers moest worden afgestaan namen de gevechten in hevigheid af en de frontlinie kwam weer tot rust. Daar ze er niet in waren geslaagd de Fransen uit te rangeren in Albert en Arras, verplaatsten de krijgsverrichtingen zich verder naar het noorden in de richting van Vlaanderen, daar behaalden de Duitsers meer succes.

 

Tijdens de Voorjaarsslag bij Arras (9 mei-23 juli 1915) vielen de Fransen aan met 12 legerkorpsen, ze wilden zo proberen om naar Lille (Rijsel) op te rukken, maar ze zouden hun doel niet bereiken. Bij de Herfstslag bij Arras (25 september – 13 oktober 1915) herhaalden ze deze poging opnieuw, ditmaal met een gelijktijdige aanval in de Champagne. Ze deden dat met de inzet van 75 divisies en 5080 stukken geschut, maar toch kende deze actie echter ook geen succes. Het brandpunt van de strijd was beide malen de heuvelrug van Lorette.

 

Bij de Voorjaarsslag bij Arras (2 april – 20 mei 1917) rukten de Britten in dezelfde richting op, terwijl de Fransen tezelfdertijd bij de Aisne aanvielen, het 6e Duitse leger, dat hier sinds 1914 voortdurend in verdedigende posities lag, werd naar de reservestelling Lens – Méricourt – Arleux – Gavrelle teruggedrongen (12 april), waar verdere massale aanvallen (23, 28 april; 3, 11 mei) stukliepen. Op 7 april 1918 ging het 17e Duitse leger (Otto von Below) in de aanval in de richting van Arras; ondanks een enorme inzet van artillerie en munitie had de aanval aan twee zijden van de Scarpe géén succes.

 

 

Op 26 augustus 1918 rukten de Britten hier langs de weg Arras – Cambrai op voor een tegenaanval, die had als doel de (in 1917 aangelegde) Wodan-linie (Wotan-Stellung) in de rug aan te vallen. Op 2 september werd deze linie met een tankaanval overweldigd.

 

 

Uiteraard liet al dat gruwelijke oorlogsgeweld heel wat sporen achter in Arras en haar omgeving.  Een van sporen vinden we op de stedelijke begraafplaats van Arras. Dicht bij de zuidelijke afscheidingsmuur ligt een perk met ruim 300 Franse gesneuvelde militairen uit de Eerste Wereldoorlog. De graven worden er aangeduid met een metalen kruis in de vorm van een omgekeerd zwaard. Het perk wordt er bewaakt door een Franse Poilu, op de voet van het stenen beeld staat de tekst: “DORMEZ EN PAIX CHERS CAMERADES LE SOUVENIR FRANÇAIS VEILLE SUR VOUS”(Rust in vrede beste kameraden de Franse gedachte waakt over u).

 

 

Eén van die  Franse kameraden die hier te ruste gelegd werd is artillerist Marcel Lucien Debonne. Hij werd geboren op 2 september 1890 te Arras. De gehuwde Marcel sneuvelde op 23 juli 1918 te Leschelle, op het slagveld van de Ainse. Hij was toen 27. Marcel was Maître pointeur bij het 253e R.A.C (Régiment d'Artillerie de Campagne – veldartillerie)). Hij ligt bergraven in rij 7 graf n°306.

 

 

 

 

 

Meer artikels
Household Cavalry 'Dieu et Mon Droit'. 01-05-2017
Zandvoorde (Zonnebeke) België.

Tijdens  de gevechten van  30 oktober 1914 werden  de hellingen ten zuiden en zuidoosten  van  Zandvoorde  verdedigd door de 7th Cavalry (Household) Brigade, deze werd versterkt met het gemengde bataljon Household Cavalry van de 4th Brigade.

lees meer ...
Scheepswrak 'The K- lighter' 04-01-2016
Gully BeachTurkije.

Bij Gully Beach ligt er enkele meters van de kust in zee, een wrak van een platbodemschip.

lees meer ...
Cimetière Militaire Franco-Allemand d’Anloy-Bruyères. 25-08-2014
Anloy België.

Links van ons hoorden we meermaals het bevel 'voorwaarts!' Wij moesten de mannen uit het bos, van waaruit zij op de vijand aan het schieten waren, voorwaarts jagen. Te midden deze stormloop naar de vijand toe, voelde ik plots een pijnscheut in mijn onderbuik, ik was geraakt, een kogel trof mij boven mijn linker lies.

lees meer ...