Villers-Bretonneux Frankrijk.
Villers-Bretonneux Memorial.
Villers-Bretonneux Frankrijk.

Het Villers-Bretonneux Memorial, ook wel het Australian National War Memorial genoemd, bevind zich  op de vroegere Hill 104 in de Somme regio. Het nationaal monument maakt deel uit van het Villers-Bretonneux Military Cemetery en is het belangrijkste Australische monument van het westerse front. Dit memoriaal werd hier opgericht omdat het de Australiërs waren die hier bij Villers-Bretonneux, even ten oosten van Amiens, het voorjaarsoffensief van de Duitsers tot staan brachten.

 

Het offensief dat op 21 maart 1918 was begonnen had even stil gestaan en was dan op 26 maart opnieuw hervat, de aanval  werd op 4 en 5 april door de Australiërs bij Villers-Bretonneux afgestopt. De Duitsers hadden een terreinwinst van 60 km geboekt maar er was geen doorbraak naar de kanaalhavens en het Franse en Britse leger waren niet gesplitst. Op 17 april 1918 volgde een nieuwe aanval op Villers-Bretonneux. Enkele dagen later op 24 april zou hier bij deze kleine stad de eerste tankslag plaatsvinden, Britse Mark IV en Whippet tanks gingen er in duel met 13 Duitse A7V Sturmpanzerwagens. De Duitsers namen de stad in terwijl ze naar Amiens oprukten. Die nacht lanceerden AIF (Australian Imperial Force) troepen een tegenaanval aan de noord- en zuidkant van Villers-Bretonneux en omsingelden de stad. Tegen de avond van 25 april (Anzac Day) was de vijand er verdreven. Aan deze noordkant werden op de weg onderaan de helling ten westen van het huidige monument de mannen van het Australische 57e, 59e en 60e bataljon opgesteld, ze werden gesteund door het 58e bataljon. De Australiërs rukten op door de ondiepe vallei gelegen tussen de huidige monumenttoren en de stad, het 60e bataljon passeerde het dichtstbij de plaats waar nu het monument staat. Al vlug vormden ze een lange rij direct naar het oosten langs het hoogste punt van de heuvelrug. Terwijl de Aussies de Duitse stellingen naderden legde het lichtschijnsel van een brandend gebouw hun manoeuvre bloot. Vijandelijke lichtsignalen verlichtten het landschap, het bevel om aan te vallen werd gegeven.

 

 

Australisch historicus en oorlogscorrespondent Charles Bean schreef: “Een schreeuw vanuit de aanvallende linie en de Australiërs gingen recht op de vijand af”. Persoonlijke beschrijvingen die later verzameld werden bij alle bataljons, pelotons en compagnies die hier deelnamen openbaarden de fysieke intensiteit van hun aanval: “de Duitsers schreeuwden om genade maar er waren te veel machinegeweren om rekening met hen te houden, deze Duitsers werden of met de bajonet gedood of neergeschoten.” Charles Bean concludeerde dat het half uur dat hier nodig was om de Duitse linie in te nemen een van de wreedste was in de geschiedenis van de Australische infanterie. Ondanks het feit dat de Duitsers deze stellingen daarna nooit meer hebben terugwonnen, is het toch wel verbazingwekkend dat hier in dit gebied aan de noordkant van de aanval achtenveertig Australische militairen ‘vermist’ werden. Hun namen staan op het Australische Nationale Monument. De story van hun lotsbestemming is een verhaal dat elk jaar op 25 april, op Anzac Day, verteld mag worden. De Australiërs telden hier 2400 oorlogsslachtoffers, de Britten verloren hier op 24 april 1918 zo’n 9500 man. Ook de Duitsers leden zware verliezen, ongeveer 10.000 man.

 

 

Het in 1936 -1937 gebouwde monument werd op 22 juli 1938 ingehuldigd door de Britse koning George VI. Zijn echtgenote koningin Elizabeth legde een bosje klaprozen op de treden naar de gedenktoren. De koningin had die ochtend het bloemenboeketje van een jongetje van de Frans-Australische school in Villers-Bretonneux gekregen. Na de officiële kranslegging door de Britse koning fluisterde de koningin hem iets toe, liep naar zijn krans, legde de klaprozen er bovenop en keek daarna een ogenblik naar het monument. Het monument herdenkt 10.765 Australische slachtoffers uit de Eerste Wereldoorlog, allemaal Aussies zonder een gekend graf. Van bovenop de toren van het monument heeft men een mooi uitzicht over het glooiende Picardië met zijn vele akkervelden. 

 

 

Naast Aussies liggen op Villers-Bretonneux Military Cemetery ook mannen afkomstig uit andere plaatsen van het toenmalige uitgestrekte Brits Rijk. Zo liggen er ook Canadezen, een van hen is Private (soldaat) Stanley Walker. Hij werd geboren op 16 september 1896 en overleed op 11 augustus 1918, hij diende toen bij het Canadese 44e infanteriebataljon van de 4e Canadese divisie. Stanley’s 44th Battalion (Manitoba maar vanaf augustus 1918 omgedoopt tot New Brunswick), maakte deel uit van het CEF (Canadian Expeditionary Force ) en streed tussen 8 en 11 augustus 1918 mee  in de slag bij Amiens. Vermoedelijk werd Stanley gedood tijdens die strijd bij Amiens. Onderaan zijn grafsteen staan de woorden: “Tread softly our dear hero boy sleeps her. Father, Mother and Brothers” (Stap zacht onze lieve heldjongen slaapt hier. Vader, moeder en broers).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Meer artikels
Deutscher Soldatenfriedhof Menen Wald. 30-11-2015
Menen België.

Tijdens de tweede Oorlogswinter, eind 1915, kende Menen opnieuw een voedselprobleem.

lees meer ...
Talbot House. 01-02-2016
Poperinge België.

In Poperinge zochten de Britse militairen ontspanning en vertier.

lees meer ...
Gorjansko Austro - Hungarian Military Cemetery. 04-01-2016
Gorjansko Slovenië.

Op de militaire begraafplaats gelegen achter de dorpsbegraafplaats van Gorjansko liggen er meer dan 10.000 militairen begraven.

lees meer ...