Rossignol België.
Cimetière Militaire Français 'du Plateau'.
Rossignol België.

Op 4 augustus 1914 trokken 44 Duitse divisies België binnen om het Franse leger te omcirkelen. Ondanks het verrassingseffect en de zware verliezen bood het Franse leger, met de toen nog bescheiden bijstand van het Britse Expeditieleger (BEF) hevig tegenwerk. De Fransen trokken zich terug op de vlaktes ten noorden van Parijs. Begin september 1914 hielden de Fransen op 40 kilometer van Parijs en met een allerlaatste krachtsinspanning, tijdens de Slag bij de Marne, de Duitse doorbraak tegen.  Op 9 september verschanste het Duitse leger zich achter een verdedigingslinie langsheen de rivier de Aisne, die lag 60 kilometer naar het noorden. Het von Schlieffenplan, dat de verovering van Parijs en de vernietiging van het Franse leger beoogde viel hiermee in duigen. Dit was het eerste significante voorteken dat de oorlog niet op korte termijn tot een einde zou komen, maar eerder zou uitmonden in een langdurende en grootschalige confrontatie. Vanaf eind september begonnen beide partijen vanuit het dal van de Aisne aan de 'wedloop naar de zee'. Gedurende meerdere weken vochten de zich steeds verplaatsende legers er in chaotische gevechten die meestal resulteerden in zware verliezen. In oktober eindigde die race naar de zee bij Nieuwpoort aan de Noordzeekust. Franse en Britse eenheden stopten bij Ieper, eind oktober, een laatste Duitse doorbraak poging. Uitgeput begonnen beide partijen zich in te graven achter een ononderbroken linie van loopgraven en verdedigingswerken.

 

Het resultaat van de bewegingsoorlog in de zomer en herfst van 1914 vertaalde zich in een omvang van massale verliezen. Het Franse leger alleen al was eind november 1914 bijna een miljoen man kwijt, waarvan er 300.000 werden gedood. Tien procent van de Franse officieren was uitgeschakeld. De dodelijkste dag bij de Fransen vond plaats op 22 augustus 1914. Die  ochtend waren de Belgische Ardennen in een dichte mist gehuld. De Fransen stuurden cavaleriesoldaten ter verkenning uit, maar de cavaleristen hadden evengoed geblinddoekt kunnen zijn. Ook de Franse en Duitse legers die naar elkaar oprukten zagen geen hand voor ogen en dit tot dat ze elkaar haast letterlijk tegen het lijf liepen. De Duitsers brachten vlug hun artillerievuur in gereedheid en maakten handig gebruik van de oneffenheden van het terrein.

 

De Fransen vielen bij bosjes. Alles samen werd er op acht verschillende plaatsen gestreden. De Franse artillerie faalde compleet en elke aanval tegen de Duitsers werd neergeslagen. De verliezen waren dan ook enorm. In het dorpje Rossignol alleen al sneuvelden er die dag 7.000 Franse militairen. Alle gevechten van 22 augustus 1914 samen kostten het leven van 27.000 Fransen. Onder hen sneuvelden ook  Jouenne Victor, Eustache Georges, Pineau Joseph,... zij werden begraven op het Cimetière Militaire Français 'du Plateau'. De enorme verliezen maakten deze dag tot de dodelijkste in de hele Franse geschiedenis.Langs Duitse zijde stierven ongeveer 14.000 soldaten. Dat bracht het totaal op 41.000 doden. Op geen enkele andere dag tijdens de oorlog vielen méér doden op 24 uur.

 

 

 

 

 

 

Meer artikels
Caverne du Dragon. 19-01-2015
Oulches-la-Vallée-Foulon Frankrijk.

De Caverne du Dragon is een oude kalksteengroeve ( een 'creute' in de lokale Franse taal) die van de 16e tot de 19e eeuw geëxploiteerd werd.

lees meer ...
Bois-le-Prêtre. 15-09-2014
Muerthe-et-Moselle Frankrijk.

In Muerthe-et-Moselle ligt het beruchte bos het Bois-le-Prêtre. Tussen september 1914 en juli 1915 werden er in dit bos verbeten gevechten gestreden. Het bos werd aan beide zeiden omgetoverd tot een web van prikkeldraad met daarachter een labyrint van loopgraven. De verliezen waren zwaar, zowel voor de Fransen als voor de Duitsers, er waren duizenden doden en gewonden.

lees meer ...
Soldatenfriedhof Rabenbühl. 01-12-2014
Tête des Faux Frankrijk.

De Tête des Faux (Buchenkopf in het Duits) is een van de hoogste bergtoppen in de Vogezen (1208 meter).

lees meer ...